GGD West-Brabant
Geplaatst op: 04-04-2016 om 14:50 uur
Laatst gewijzigd op: 24-07-2020 om 17:13 uur

Intensieve veehouderij en gezondheid

Met intensieve veehouderij bedoelen we bedrijven waarbij dieren zoals varkens, kippen, geiten en rundvee op een klein oppervlak samen zijn. Deze bedrijven kunnen in de buurt van bebouwing overlast veroorzaken en het risico op ziektes bij omwonenden vergroten. Het gaat daarbij niet alleen om stank, maar ook om bijvoorbeeld fijnstof en de verspreiding van ziekteverwekkers.

Op www.ggdleefomgeving.nl lees je meer over veehouderijen en gezondheid van omwonenden. In Noord-Brabant wonen veel mensen in de buurt van één of meer veehouderijen. Het RIVM onderzocht de gezondheid van omwonenden van veehouderijen. Meer informatie over dat onderzoek vind je op de website van het RIVM.

Mestbewerking en gezondheid

In Nederland is meer dierlijke mest beschikbaar dan op landbouwgrond gebruikt kan worden. Het bewerken van mest (bijvoorbeeld het maken van mestkorrels of produceren van biogas) wordt daardoor steeds vaker toegepast. Omwonenden maken zich zorgen over mogelijke gezondheidsrisico’s van mestbewerking, hinder door geur of geluid, over transport en over de veiligheid van de mestbewerkingsinstallaties.

Mogelijke gezondheidsklachten kunnen ontstaan door:

  • Infectieziekten die van dieren op mensen kunnen overgaan (zoönosen)
    Sommige ziektes kunnen van dieren op mensen overgaan. Dat noemen we zoönosen. We weten niet hoeveel mensen ziek worden door ziekteverwekkers in mest en mestproducten. Daar is nog weinig onderzoek naar gedaan.
  • Fijnstof en endotoxinen
    In fijnstof van veebedrijven zitten ook endotoxinen. Dat zijn kleine stukjes van bepaalde bacteriën. Het zijn dode deeltjes, die geen infecties kunnen veroorzaken. Je kunt er wel luchtwegklachten van krijgen. Hoeveel mensen deze klachten krijgen is moeilijk vast te stellen.
  • Stankoverlast
    Van stank kun je veel last hebben. Van ernstige stankhinder kun je stress hebben en dat kan ook weer gezondheidsklachten veroorzaken. Je kunt bijvoorbeeld last krijgen van hoofdpijn en misselijkheid.

Advies aan gemeenten

Het rijk vindt het van belang dat de overheid bij besluiten rond de ruimtelijke ordening en bij het verlenen van vergunningen rekening houdt met mogelijke gezondheidsproblemen door veehouderijen. Ook GGD-GHOR Nederland heeft een oproep gedaan om gezondheidskundig advies te betrekken bij vergunningaanvragen.

Om de gezondheidsrisico’s van veehouderijen te beperken, adviseert de GGD haar gemeenten het volgende:

  • Een minimumafstand van 250 meter tussen een veehouderij en woningen. Vooral bij nieuwe woningen, wijken of nieuwe bedrijven hanteren we dit advies.
  • Verplicht bedrijven om hun geur en fijnstofuitstoot te beperken. Zoveel als redelijkerwijs mogelijk is. Hierbij gebruikt de GGD het uitgangspunt dat:
    o niet meer dan 12 procent van de bewoners in de bebouwde kom geurhinder heeft;
    o niet meer dan 20 procent van omwonenden in het buitengebied geurhinder heeft.
  • Het gemengd houden van varkens en pluimvee op een veehouderijbedrijf is vanuit volksgezondheid niet gewenst. Met het scheiden van deze diersoorten wordt voorkomen dat influenzavirussen vanuit pluimvee kunnen vermengen met influenzavirussen vanuit varkens. Dit voorkomt vervolgens het risico op het ontstaan van een nieuw type influenzavirus welke de potentie heeft om te gaan circuleren onder mensen.
  • Er zijn aanwijzingen dat gezondheidseffecten optreden bij omwonenden van veehouderijen. Inzicht in de oorzaken ontbreken veelal nog. Wel is duidelijk dat onder de wettelijke normen gezondheidseffecten optreden. Bij elk gezondheidskundig advies van de GGD zijn daarom afwegingen over voorzorg en het belang van emissiereductie belangrijke uitgangspunten.

Wij adviseren gemeenten en omgevingsdiensten over specifieke situaties. Ben je op zoek naar advies? Neem dan contact op via 0900 368 68 68.